Assisteren bij het gaan zitten

<<

Techniek:

  hulp bieden bij het gaan zitten

Toepassing:

  ondersteunen van een zorgvrager bij het zitten

Kernwoorden: n.v.t.

Observatieformulier : Assisteren bij het gaan zitten

Materiaal

Werkwijze

Waar moet je op letten?

stoel 1 Informeer naar de mogelijkheden en beperkingen van de zorgvrager. Voorkom dat je te veel of te weinig hulp biedt bij het zitten.
2 Overleg met de zorgvrager hoe je hem kunt of gaat helpen bij het zitten. Zo kan de zorgvrager kan aangeven wat hij prettig vindt.
3 Zeg duidelijk hoe je hem gaat helpen. De zorgvrager kan zich nu voorbereiden op het opstaan en weet wat er daarbij van hem verwacht wordt.
4 Plaats de zorgvrager met zijn rug naar de stoelzitting en zorg dat de stoel niet verder dan een paar centimeter van de zorgvrager af staat. Voorkom dat de zorgvrager naast de stoel gaat zitten.
5 Ga voor de zorgvrager staan met je gezicht naar hem toe en zet je voeten voor de voeten van de zorgvrager. Zo kun je de zorgvrager goed observeren en voorkom je dat hij onderuit kan glijden.
6 Of: plaats je knieën tegen de knieën van de zorgvrager. Deze manier van assisteren kan een alternatief zijn als jullie beiden ongeveer even groot zijn.
7 Of: plaats je rechtervoet tussen de voeten van de zorgvrager. Deze manier van assisteren is een alternatief bij een zwaardere zorgvrager.
8 Pak de zorgvrager bij de ellebogen vast en vraag hem dat ook bij jou te doen. Zorg dat je een stevige greep op de zorgvrager hebt.
9 Of: Vraag de zorgvrager zijn armen om je hals te slaan, en sla je armen om de zorgvrager, onder zijn oksels. Kies alleen voor deze methode als je hierover met de zorgvrager overlegd hebt.
10 Spreek af dat je tot drie telt en dat bij drie de zorgvrager zijn knieën buigt. Voordat de zorgvrager kan gaan zitten, moet hij een zithouding aannemen.
11 Schuif eventueel de stoel nog wat dichterbij en laat de zorgvrager zakken. Het is voor de zorgvrager prettig als hij bij het zitten steun van de rugleuning heeft.
12 Vraag of de zorgvrager lekker zit en help hem eventueel met het plaatsen van een kussentje in rug of armgebied als hij daardoor prettiger zit. Een kussentje geeft soms net wat extra steun waardoor de zorgvrager meer zitcomfort heeft.
13 Vraag aan de zorgvrager hoe hij vond dat je assisteerde. De zorgvrager vindt het fijn als hij zijn mening kan geven. De volgende keer kun je rekening houden met op- of aanmerkingen.