Tabel maken

<<

Techniek:

  het maken van tabellen via Word

Toepassing:

  het verwerken van teksten in een schema met lijnen en vakken, bijvoorbeeld een formulier ontwerpen

Kernwoorden: n.v.t.

Observatieformulier : Tabel maken

Materiaal

Werkwijze

Waar moet je op letten?

Computer met Microsoft Word

Printer

1 Open een nieuw Worddocument (zie de werkkaart Tekst opmaken).  
 
2 Klik op Tabel invoegen  
3 Bepaal het aantal kolommen en rijen. Een kolom gaat van boven naar beneden, een rij van links naar rechts.
4 Bepaal de breedte van de kolommen en pas deze breedte aan. Doe dit door de cursor in de tabel op een kolomscheiding (verticale lijn) te zetten. Versleep deze lijn naar de gewenste plaats. Herhaal dit bij alle verticale lijnen die je wilt verplaatsen. De cursor verandert in een links-rechts pijltje. De kolommen worden gevormd.
5 Bepaal de hoogte van de rijen. Plaats de cursor op een rijscheiding (horizontale lijn) en versleep de lijn naar de gewenste plaats. Herhaal dit bij alle horizontale lijnen die je wilt verplaatsen. Kies bij stijlen voor tabellen de juiste opmaak. Er zijn vakken ontstaan.
6 Als je meerdere vakken wilt samenvoegen tot één vak, selecteer je deze vakken door er met de muis overheen te gaan terwijl je de linkerknop ingedrukt houdt.  
7 Klik de rechtermuisknop aan en kies Cellen samenvoegen of klik op Tabel en daarna op Cellen samenvoegen. De lijn tussen de vakken is verdwenen, je ziet één vak.
8 Voor het splitsen van vakken, ga je in het vak staan met de cursor. Klik de rechtermuisknop aan en kies Cellen splitsen of klik op Tabel en dan op Cellen splitsen. Bepaal het aantal rijen en kolommen en klik op OK. Alle vakken worden in gelijke vakken verdeeld.
9 Type dan de gewenste teksten in de vakken. Je formulier is klaar.
10 Zet de tabel op de juiste plaats op de pagina door de cursor boven de tabel te zetten en een aantal keer op Enter te drukken, tot het formulier op zijn plaats staat. Loop met de pijltjestoetsen door je document om te controleren of het formulier goed staat.
11 Print het document door het printicoontje aan te klikken.  
12 Sla het document op om het te bewaren. Zie de werkkaart Tekst opmaken
13 Sluit het programma en de computer af. Zie de werkkaart Tekst opmaken