Tekst opmaken

<<

Techniek:

  typen van een tekst via een tekstverwerkingsprogramma

Toepassing:

  een document maken dat er duidelijk en leesbaar moet uitzien, bijvoorbeeld een verslag

Kernwoorden: n.v.t.

Observatieformulier : Tekst opmaken

Materiaal

Werkwijze

Waar moet je op letten?

Computer met Microsoft Word

printer
 

1 Kies Word, nieuw document   
Tekst invoeren en opmaken:
2 Type de tekst van je verslag of werkstuk (zie de werkkaart Tekst invoeren).
 
3 Als alle tekst is ingevoerd, ga je het document opmaken.  
4 Typ een titel boven de tekst. Ga op de eerste regel van het document staan, zodat tussen de titel en de tekst ruimte overblijft.
5 Selecteer de titel en kies de juiste lettergrootte.  
6 Zoek in je document data, namen of andere delen van teksten op die moeten opvallen.

Kies onder start, lettertype:
Je kunt woorden vetcursief of onderstreept weergeven. Een andere optie is: de tekstmarkeringskleur of tekstkleur te gebruiken.
 
Titelpagina maken:
7 Maak een voorblad op een nieuwe lege pagina in je document: houd de Ctrl-toets ingedrukt en druk op Enter.
Je staat nu op een nieuwe lege pagina.
8 Typ de titel en maak deze groot en vet. Zet de titel in het midden van de regel, door op de werkbalk op het symbool Centreren te klikken.  
9 Druk twee maal op Enter en klik dan met je muis op Invoegen boven in je scherm, op Figuur in het nieuwe venster en dan op Illustratie. Er verschijnt nu een venster met illustraties.
10 Kies een illustratie die past bij het verslag of werkstuk en klik hierop. Klik dan op Invoegen. De illustratie verschijnt groot op je scherm.
11 Maak de illustratie op maat, door de muisaanwijzer op een hoek van het kader te houden, de linkermuisknop ingedrukt te houden en vervolgens richting het midden van het kader te slepen. De illustratie wordt nu kleiner. Als je vanaf de hoek naar buiten beweegt, wordt de illustratie groter. Als je de muisknop midden in het kader indrukt, kun je de illustratie verslepen en zo verplaatsen.
12 Klik nu naast de illustratie zodat het kader verdwijnt. Zet eventueel ook je persoonlijke gegevens (naam, adres, klas) op het voorblad.
Printen en opslaan:
13 Kies voor Printen, als je de tekst wilt printen. Soms moet je nog een printer selecteren.
Controleer of de printer aan staat, het groene lichtje moet branden.
14 Klik op Bestand, daarna op Opslaan als. Je document is nu opgeslagen op het opslagmedium en terug te vinden onder de bestandsnaam.
Afsluiten:
15 Kies Bestand linksboven in je scherm, daarna Afsluiten.
 
16 Sluit eventueel ook de computer af. Klik hiervoor op Start linksonder in je scherm, dan op Afsluiten. In het venster dat verschijnt kies je Computer uitschakelen Veel computers sluiten automatisch af, dit staat dan op het scherm. Als dit niet gebeurt, druk dan op de aan/uit-knop om de computer af te sluiten.